Gele roest is een zeer schadelijke ziekte. Wanneer deze laat wordt vastgesteld, is de bestrijding moeilijk en kunnen de opbrengstverliezen aanzienlijk zijn.
Gele roest begint vaak met kleine circulaire haarden perfect afgebakend rond sta-dium eerste knoop van de tarwe.
Op de bovenste bladeren tekenen zich strepen af tussen de nerven van kleine geel-bruine sporenhoopjes. Chlorosevlekken zonder de hoopjes tussen de nerven kunnen eveneens worden vastgesteld.
Na infectie ziet men eerst de ontwikkeling van de schimmel in de aangetaste plant en in zijn onmiddellijke omgeving waardoor in het veld de typische haarden van gele roest ontstaan. Deze haarden kunnen zich razendsnel over het ganse perceel ver-spreiden.
Bladeren die zijn aangetast kunnen niet meer aan fotosynthese doen, sterven af en leiden dus tot aanzienlijke verliezen in opbrengst.
Zachte winters en/of koude, vochtige zomers met matige temperaturen (10 à 15 °C) zijn gunstig voor de ontwikkeling van gele roest.
Hoge temperaturen zijn ongunstig voor de ontwikkeling van de ziekte en negatieve temperaturen vertragen de ziekte zonder het inoculum te vernietigen.